Hittestress een van de grootste bedreigingen van dierenwelzijn

Hittestress vormt een van de grootste bedreigingen van dierenwelzijn. Of dieren nu buiten verblijven, opgesloten zitten in een stal of hok, of op transport gaan, hittestress kan ernstige gezondheidsschade veroorzaken en zelfs leiden tot de dood.

Het dierenleed is vaak niet te overzien. Hoofdoorzaak: de mens heeft dieren veelal in een situatie gebracht waarin zij geen keuze hebben om bij te hoge temperaturen een koelere plek te zoeken. De temperaturen die dieren kunnen verdragen, worden stelselmatig verkeerd ingeschat.

Bij hittestress ontstaat een situatie waarin dieren niet in staat zijn hun eigen lichaamstemperatuur op peil te houden. Hun Upper Critical Temperature (UCT) wordt overschreden. Ook luchtvochtigheid, luchtsnelheid, activiteit en algehele stress spelen daarbij een rol.

Temperatuur en luchtvochtigheid: THI

Om rekening te houden met de samenhang tussen temperatuur en luchtvochtigheid heeft de Gezondheidsdienst voor Dieren overzichten gemaakt per diersoort (varkens, geiten, schapen, kalveren, melkkoeien, pluimvee) aan de hand van een zogeheten THI (Temperature-Humidity Index). Daarmee is het mogelijk te bepalen of er risico bestaat op hittestress. Houders van dieren kunnen dan daarnaar handelen: dieren naar binnen of naar buiten, schaduw aanbieden, voldoende water geven, ventilatie, sprinklersysteem of een airco aanzetten.

Wie op een warme, zonnige zomerdag in het buitengebied om zich heen kijkt, ziet dat van maatregelen ter voorkoming van hittestress weinig terecht komt. Koeien liggen te bakken in een wei zonder schaduw, schapen staan te puffen boven een lege waterbak. De meeste meldingen die bij de NVWA binnen komen, gaan over gebrek aan schaduw in de wei. In grote delen van agrarische platteland is na jaren van schaalvergroting geen boom meer te bekennen.

Hittestress en paarden

Voor paarden verwijst de Gezondheidsdienst voor Dieren naar het protocol extreme weersomstandigheden paarden van de Sectorraad Paarden. Daarin staat dat de comfortzone van een paard tussen de 5 en 25 graden ligt. Volgens de Sectorraad is die 25 graden merkwaardig genoeg geen grens. Geeft de lokale weersverachting temperaturen tussen 27 tot 34 graden aan, dan kunnen wedstrijden met een eventueel aanpassing van het tijdstip toch doorgaan. ”Bij een voorspelde temperatuur van meer dan 35 graden mogen er geen wedstrijden of andere evenementen plaatsvinden”, vindt de Sectorraad. Tenzij het gaat om Nederlandse Kampioenschappen en formele FEI-wedstrijden die voldoen aan gestelde voorwaarden.” Pas bij een te verwachten temperatuur > 35°C is de richtlijn om een evenement af te lgeasten, aldus de Sectorraad.

Watertekort

Acute problemen kunnen ontstaan door een tekort aan drinkwater. Drinkwaterbedrijven waarschuwen daar al voor sinds het begin van de jaren 20. De veehouderij is een grootverbruiker. Niet alleen de dieren hebben schoon drinkwater nodig, boeren maken hun stallen schoon met water uit de kraan.

Het Plan Bureau voor de Leefomgeving (PBL) verwacht dat dieren in de melkveehouderij, varkenshouderij en pluimveehouderij steeds meer te maken krijgen met langdurige periodes van hittestress. Rond 2050 zal het vee vaker en langer worden blootgesteld aan omstandigheden die leiden tot hittestress.
Technische maatregelen zoals klimaatbeheersing in de stal, ruimtelijke maatregelen zoals een meer hittebestendige buitenruimte en managementmaatregelen zoals de koeien ’s avonds naar buiten in plaats van overdag, kunnen enige verlichting bieden, maar de gevolgen voor het welzijn van dieren niet geheel wegnemen, stelt het PBL in een in 2026 verschenen rapport.

Meer over hittestress is te lezen op de pagina Klimaatverandering en dierenwelzijn