Van dierwaardige veehouderij naar ‘humane livestock farming’

Op de cover van het vertaalde RDA-advies Humane Livestock Farming prijkt het ideale plaatje van een dierwaardige melkveehouderij: een koe met hoorns plus kalf

In internationaal verband loopt Nederland graag voorop. Althans, Nederland zegt voorop te lopen. Of dat feitelijk zo is, valt te bezien. Het gaat vrijwel altijd om woorden. Zelden maken deze woorden iets duidelijk. Meestal moeten ze iets verhullen. Soms ontstaat er verwarring.

Zoals in het geval van een ‘’dierwaardige veehouderij’’. In 2021 kwam de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) met een advies aan de Nederlandse regering over de toekomst van de veehouderij. Die moest dierwaardig worden. De Tweede Kamer zorgde ervoor dat dit doel een wettelijke basis kreeg (artikel 2.3a Wet dieren).

Modernisering dierenwelzijnswetgeving in Europa

Maar met al deze vooruitstrevendheid internationaal de boer op gaan, kan tot onverwachte hoofdbrekens leiden, zo blijkt. Zeker als een ‘’dierwaardige veehouderij’’ zich nog in een voorbereidende fase bevindt en we een minister hebben die er – zacht uitgedrukt – weinig fiducie in heeft.

Toch moest de BBB-minister Wiersma iets, toen de EU vroeg te reageren op voorstellen voor de modernisering van de dierenwelzijnswetgeving in Europa. Dat is niet zo maar een verzoek. ‘’Een call for evidence’’ heet dat in EU-kringen. Hetgeen betekent dat lidstaten, belanghebbenden en organisaties een onderbouwde visie mogen geven op wetsvoorstellen.

Je zou zeggen: appeltje-eitje voor Nederland. Mooi moment om te laten zien hoe we hier bezig zijn met het optuigen van een dierwaardige veehouderij, oftewel keeping livestock according to the principles of animal dignity. Er is genoeg onderzoek gedaan, er is een convenant opgesteld, er komt als het goed is speciale wetgeving en van verschillende kanten wordt aangedrongen op een gelijk speelveld in Europa. Dus als Nederland op de dierwaardigheidstoer gaat, dan ook de andere lidstaten. Dit is een kans.

Er werd een vertaler aan het werk gezet

Maar nee. Het was al eerder opgevallen: Wiersma vindt de Nederlandse veehouderij al dierwaardig genoeg. Het kan natuurlijk altijd beter, maar niet teveel en niet te snel graag. Nederland loopt al voorop nietwaar? De grote industriële bedrijven moeten wel mee kunnen doen. Het moet haalbaar en betaalbaar blijven.

Er werd een vertaler aan het werk gezet. De titel van het RDA-advies uit 2021 veranderde van ‘’Dierwaardige veehouderij’’ in ”Humane Livestock Farming’’. Niet alleen de titel werd gewijzigd. In het rapport dat Wiersma als bijlage meestuurde met de kabinetsreactie naar de Europese Commissie komt het Engelse equivalent van een dierwaardige veehouderij niet meer voor. Overal staat humane livestock farming. Bovendien werden hier en daar wat opvallende aanpassingen gedaan. Zoals de afzwakking van ‘’zoveel mogelijk’’ in ‘’waar mogelijk’’ als het gaat om het voorkomen van een inbreuk op de integriteit en het welzijn van dieren.

Wat is het verschil? Simpel gezegd: in een dierwaardige veehouderij staat het dier centraal. Een AI-vertaling zou van dierwaardige veehouderij animal friendly livestock farming hebben gemaakt. Een term die volgens AI wordt gebruikt ‘’om een vorm van veehouderij te beschrijven die prioriteit geeft aan de behoeften en het welzijn van dieren, in plaats van ze alleen als productiemiddelen te zien.’’ 

Wat betekent humane livestock farming?

Wat humane livestock farming betekent, mag Joost weten. Dat het om mens én dier gaat? Daar lijkt het wel op, Wiersma een beetje kennende. De kabinetsreactie gericht aan de EU, geeft de volgende toelichting: ‘’De gedragsbehoeften van de dieren zouden een beginpunt moeten zijn om te bepalen welke houderijvoorschriften moeten worden gesteld en stallen moeten worden ingericht om in de gedragsbehoeften van dieren te voorzien. Uitvoerbaarheid en betaalbaarheid vormen daarbij cruciale randvoorwaarden.’’

Wat de RDA van humane livestock farming vindt? Prima, zo te zien. Op de website is een speciale pagina ingericht voor de Engelstalige versie van de zienswijze uit 2021. ‘’What’s in a name?’’, zullen ze bij de RDA gedacht hebben. Zolang de inhoud maar grotendeels onaangetast blijft.
De principes van een dierwaardige veehouderij staan op de website van de RDA nog fier overeind. Ook in de Engelstalige versie, zoals principe 5 (‘’humane livestock farming provides sufficient opportunities for the animal to perform essential natural behaviours’’) en principe 6 (‘’a system is ‘humane’ if it enables the animal to respond to changes in its social and physical environment and to achieve a mental state that it experiences as predominantly positive’’).

Verwarring

In Europa zal de verwarring groot zijn. Wat wil Nederland nu eigenlijk? Een dierwaardige veehouderij, animal centered livestock farming, humane livestock farming? Toewerken naar een meer dierwaardige humane veehouderij, heeft Wiersma ervan gemaakt, zo blijkt uit de feedback op de call for evidence. Met de kanttekening dat de kosten voor de melkveehouderij aanzienlijk zullen zijn en in de varkenshouderij zeer fors. De pluimveehouderij krijgt de maken met een groot effect op de opbrengsten. Verder geeft ze aan dat er zoveel voetangels en klemmen zijn dat de realisering van een meer dierwaardige humane veehouderij nog heel ver weg is. Maar, vergeet ze niet te vermelden: Nederland loopt al voorop in de EU als het gaat om dierenwelzijn.


Ook de mens heeft profijt van ‘humane animal husbandry’

Wageningen Universiteit – nauw betrokken bij het onderzoek naar een dierwaardige veehouderij en de totstandkoming van het convenant ‘’Stappen naar een dierwaardige veehouderij’’ – heeft de vertaling van het begrip inmiddels overgenomen. Wel met wat slagen om de arm. Naast een dossier over dierwaardige veehouderij is er een thema-pagina over animal centered livestock farming, maar er is ook een dossier over humane animal husbandry. Daar vinden we iets meer uitleg over wat dat humane nu eigenlijk inhoudt: ‘’Humane livestock farming is about quality of life from the animal’s perspective and offering the animal a life worth living. Or “happiness” in human terms.’’
Maar het profijt van humane animal husbandry voor de mens is niet ver weg: ‘’Striving to achieve a positive state of being enables the animal to feel good, but it also benefits humans.’

Contradictio in terminis

Voor velen is het gebruik van het woord humaan in relatie tot de vee-industrie uit den boze. Het is een contradictio in terminis, vinden ze: de begrippen zijn met elkaar in tegenspraak (zie het hieronder weergegeven statement (aangetroffen bij Sentient Rights Ireland). Anderen benadrukken dat het woord humaan verwijst naar de mens en de menselijke waardigheid. Wie het bijvoorbeeld heeft over een humane wijze van slachten, bedoelt dat een slachting naar menselijke maatstaven acceptabel is.

De Partij voor de Dieren pleit in haar verkiezingsprogramma 2025 voor de invoering van glazen wanden in slachthuizen en stallen, zodat iedereen kan zien wat daar binnen gebeurt. Het gebruik van het woord humaan wordt door de PvdD verhullend genoemd. Aan dergelijke misleidende communicatie moet een einde komen.

Hoge hakken en een veeprikker van 4000 volt

Foto pxhere.com

(onderaan dit bericht staat een update)

Na een regeerperiode van nog geen twaalf weken blijkt dat het de Boer Burger Beweging (BBB) tot dusver niet is gelukt een voor de intensieve veehouderij geslaagde greep naar de macht te doen. De naam van het ministerie mag dan zijn veranderd, maar dat betekent nog geen ingrijpende koerswijziging. Daar is een meerderheid van de Tweede Kamer voor nodig. Als het om dierenwelzijn gaat kan het zo maar gebeuren dat de BBB helemaal alleen staat. Zeker als deze partij de geschiedenis negeert en voorbij gaat aan grote veranderingen die gaande zijn in het denken over dieren.

Zo bracht de Kamercommissie voor landbouw op 25 september in een debat over dieren in de veehouderij de nieuwe minister Femke Wiersma vrij eenvoudig aan het wankelen. Vooral door duidelijk te maken dat alles wat de kamerleden de afgelopen jaren met elkaar hebben bereikt op het gebied van dierenwelzijn, niet zomaar bij het grof vuil kan worden gezet.

Hoofdlijnenakkoord

Bij het opstaan voor een schorsing moet Wiersma hebben gevoeld dat haar hoge hakken onder haar voeten waren afgebroken. Na tweeënhalf uur debatteren over een veeprikker – ook wel stroomstootwapen genoemd – zag ze dat alleen BBB-er Cor Pierik haar nog steunde. Haar coalitiegenoten VVD, PVV en NSC hadden geen boodschap aan het beroep dat ze bij herhaling deed op het Hoofdlijnenakkoord.

Volgens Wiersma bood dat akkoord geen ruimte voor een verbod op de veeprikker zonder dat ze eerst zelf overleg had gevoerd met ”de sector”. Het verbod was in haar ogen een ”nationale kop” bovenop bestaande Europese regelgeving. En ”nationale koppen”, zo was in de coalitie van BBB, NSC, VVD, en PVV afgesproken, waren uit den boze. Een standpunt dat ze lange tijd volhield, ook nadat routinier Thom van Campen van de VVD had gezwaaid met het wetsvoorstel van haar voorganger Piet Adema. Als de minister dat niet naar de Kamer zou sturen, zou hij dat zelf doen, zei hij.

Wat is een veeprikker? Dat is een apparaat waarmee dieren een stroomstoot wordt toegediend. Op het apparaat zitten twee pennen die bij aanraking een kortstondige impuls 4000 tot 5000 volt overbrengen. Wie wel eens een eenvoudig schrikdraad met een spanning van 4500 volt per ongeluk heeft vastgepakt, weet hoe dat voelt. Volgens BBB-kamerlid Cor Pierik valt dat wel mee. Volgens hem is het ''een soort zaklampje met batterijtje dat een stroomstootje geeft.''
De veeprikker wordt nogal eens gebruikt bij het laden van varkens of koeien, wanneer de dieren niet snel genoeg de veewagen in gaan. In het verleden hebben beelden van het gebruik van dit apparaat - ook wel stroomstootwapen genoemd - geregeld geleid tot ophef en de roep om een verbod. Iets waar de vorige minister van landbouw Piet Adema, na veel heen en weer gepraat met de sector (boerenorganisaties, veehandel) en de Tweede Kamer toe is overgegaan. Adema had een wetsvoorstel nagelaten aan zijn opvolger, die het alleen nog maar door de Tweede en Eerste Kamer hoefde te loodsen.

Haar ambtenaar Hugo van Kasteel, directeur dierlijke agroketens en dierenwelzijn, moest zijn minister veelvuldig souffleren. Wiersma toonde fysiek steeds meer ongemak. Iets waar ook Harm Holman (NSC) last van had. Hij had het zweet op zijn voorhoofd staan, stond op en gaf aan dat hij even zijn handen ging wassen (zie debat 2.24 uur). Het leidde tot een schorsing waarin de nieuwe minister besefte dat ze zich gewonnen moest geven. Bij terugkeer verwees ze opnieuw naar haar opdracht vanuit het Hoofdlijnenakkoord, ”maar ik zie ook hoe dit leeft”, ze ze. Waarna ze aankondigde het wetsvoorstel van Adema na bespreking in de ministerraad rond het herfstreces naar de Kamer te sturen.

Update 5 november 2024
Landbouwminister Wiersma heeft een ontwerpbesluit naar de Tweede Kamer gestuurd dat voorziet in een verbod op het gebruik van stroomstootapparatuur op veehouderijen en bij binnenlands transport. Een uitzondering geldt voor het gebruik in slachthuizen, bij het laden en lossen van dieren van en naar een ander land in de EU binnen de gestelde voorwaarden, en het gebruik door een dierenarts. Het verbod zal naar verwachting per 1 juli 2025 van kracht worden.

Update 27 november 2025
Tot groot ongenoegen van de Tweede Kamer is het verbod op het gebruik van stroomstootapparatuur nog altijd niet ingegaan. Wiersma weigerde tot dusver het verbod in werking te laten treden. Het verbod moet op 1 januari 2026 ingaan.
Vee&Logistiek en de organisatie van de varkenshouderij POV hebben inmiddels een flyer gemaakt over het laden en lossen van varkens zonder gebruik van veeprikkers. Opvallend is dat de acht praktische tips moeilijk uitvoerbaar zijn in een sector waar het vooral gaat om zeer grote aantallen dieren die zo snel mogelijk aan de slachthaak moeten hangen.

Een eerdere aflevering van Hoge hakken schreef ik op 14 september.

Hoge hakken en (nóg meer) dierwaardigheid

Foto pxhere.com

Een nieuwe blog over onze nieuwe minister van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur. Daar is alle aanleiding toe. Behalve dat ze graag op hoge hakken loopt, weten we inmiddels ook dat ze nog niet erg succesvol is met het krimpen van de veestapel. Minder bekend is dat minister Femke Wiersma de veehouderij nóg dierwaardiger wil maken. Dat staat althans in het op vrijdag de 13de september verschenen Regeerprogramma van het kabinet Schoof.

'' Er worden in een realistisch tijdpad concrete stappen gezet naar een nog dierwaardiger veehouderij, waarbij ook wordt bezien hoe het vervoer van dieren over lange afstanden beëindigd kan worden, als dit niet volgens de geldende, Europese dierenwelzijnseisen kan en niet kan worden gehandhaafd.'' 

In dezelfde alinea gaat het over een kennisagenda (verwacht voor de zomer van 2025) en over de ontwikkeling van ”pilots en ketendeals”. Om te waarborgen dat de aandacht voor dierwaardigheid niet verslapt, komt er ”een onafhankelijke toets op de voortgang in de vorm van een autoriteit”. Iets wat overigens al door de vorige minister op verzoek van de Tweede Kamer was toegezegd.

Geld voor ”nog meer dierwaardigheid” is er pas in 2026. Maar hoeveel? Zoals bekend krijgt de BBB-minister de beschikking over 5 miljard voor ”innovatie en doelsturing, een brede opkoopregeling, mest”. Verder is die 5 miljard, zo blijkt uit het regeerprogramma, bestemd voor visserij, natuur, agrarisch natuurbeheer en ”andere prioriteiten, zoals het verdienvermogen van (jonge) boeren, ketenafspraken, dierwaardigheid en -gezondheid, klimaatadaptatie en voedseleducatie.”

NPLG geschrapt

De 24 miljard die het vorige kabinet voor de aanpak van de stikstofcrisis én al deze beleidsterreinen had gereserveerd, is door de BBB bij de onderhandelingen over het nieuwe kabinet, inclusief het Nationaal Programma Landelijk Gebied'(NPLG), weggegeven. Wat dat betekent voor het zogeheten ”meekoppelen” van andere doelen, zoals ”Kaderstelling dierwaardige veehouderij” (zie handreiking gebiedsprogramma’s), moet worden bezien. Maar te vrezen valt dat hiervan weinig meer terecht komt. En het klonk zo mooi:

''Dierwaardige veehouderij – met waarborgen voor dierenwelzijn en diergezondheid – is een integraal onderdeel van kringlooplandbouw. In een integrale benadering worden zowel de hoofddoelen van het NPLG als de hoofddoelen van kringlooplandbouw bevorderd, waaronder dierenwelzijn en diergezondheid. Dat betekent ook bij het verbouwen of verplaatsen van stallen inzetten op het gebruik van integraal duurzame systemen, die dus diergericht ontworpen zijn. De eisen van diergericht ontwerpen kunnen worden meegenomen in de planvorming.'' 
(bijlage 14, pagina 103 Handreiking gebiedsprogramma's)

Wijziging Wet dieren

Sinds 1 juli van dit jaar is de Wet dieren gewijzigd. Er is een artikel aan toegevoegd met 2040 als jaar waarin dierwaardigheid gerealiseerd moet zijn. Dat is te danken aan oud-D66 kamerlid Tjeerd de Groot en VVD-er Thom van Campen. Zij hebben een bepaling in de wet laten opnemen waarin staat dat de minister binnen een jaar na 29 mei 2024 (dus voor 30 mei 2025) met algemene maatregelen van bestuur moet komen, die invulling geven aan een dierwaardige veehouderij.

Wiersma liet tijdens een debat met de vaste Kamercommissie van LVVN op 25 september weten dat ze hiervan op de hoogte is. ”Die verplichting wil ik nakomen”, zei ze. Besprekingen over het convenant dierwaardige veehouderij met vertegenwoordigers van de sectoren, de Dierenbescherming, markt- en ketenpartijen worden voortgezet. ”Er is een constructief proces gaande.” Veel geld is er vooralsnog niet: op de begroting van 2025 staat het schamele bedrag van 1 miljoen, bedoeld voor ”pilots/ketendeals waarin beoogde dierinhoudelijke maatregelen bij meerdere boerderijen worden toegepast om te leren of de maatregel het beoogde dierenwelzijnseffect heeft en om neveneffecten in kaart te brengen.” Voor 2026 en daarna zijn er nog geen uitgaven ingeboekt.

Een eerdere aflevering van Hoge hakken schreef ik op 10 juli.

Hoge hakken

Foto pxhere.com

Het is even schakelen: van poten in de klei (Van der Plas) naar hoge hakken in de stal (Wiersma). Beiden BBB. Maar een wereld van verschil. En tegelijk: dezelfde schaamteloosheid.

Tijdens haar eerste werkbezoek op een melkveehouderij in Woerden stapte onze nieuwe minister van LVVN parmantig rond op een paar modieuze pumps. Ze droeg een schattig jurkje met bloemendessin en liet zich uitgebreid filmen, met koeien op de achtergrond.

Wie het nodig vond om een opmerking te maken over haar schoeisel, diende ze op X stevig van repliek. Die hoge hakken droeg Wiersma ook al toen ze nog op een boerderij woonde. Dus, wat zeuren jullie nou? Niet iedereen deed er vervolgens het zwijgen toe. Dierenwelzijnsorganisatie Eyes on Animals ‘’zeurde’’ op X nog even door.

Is het belangrijk hoe je er uit ziet? Ja, voor een minister wel. Zeker voor een BBB-minister die op pad wordt gestuurd door de melkvee-industrie om innovaties te promoten. Dan kan kleding de reclameboodschap maken of breken.

Boerinnenkalender

Maar de kleding betekent in dit geval meer. Bij een boerminnende familie waar ik nog niet zo lang geleden geregeld over de vloer kwam, hing in de woonkamer maar één ding aan de muur: een boerinnenkalender. Het was voor mij een uiting van een echt mannenhuishouden en ik had een beetje te doen met de vrouw des huizes. Maar alles wees erop dat zij zich schikte in haar lot en zich 12 keer per jaar zonder mopperen de ogen liet uitsteken door een in schaarse kledij gehuld, lustopwekkend, superslank model.

Als oud-deelnemer aan Boer Zoekt Vrouw weet onze nieuwe minister hier natuurlijk alles van. Ze heeft zo te zien veel geleerd van haar bliksemcarrière bij Yvon Jaspers. Maar genoeg nu over al die uiterlijkheden. Laten we het hebben over de inhoud. Wat zien we, behalve een behendig op hakken manoeuvrerende minister, nog meer op de beelden die door het ministerie van LVVN via X zijn gedeeld?

Juist, de dieren waar het om gaat, de koeien.

Boer Ruitenburg heeft er de dag dat de BBB-minister op werkbezoek kwam een paar achtergehouden in de stal, als decor voor een korte reportage over ‘’Spoelen met water’’.  Een probeersel voor Ruitenburg, leverancier van melk aan Friesland Campina. Albert Winkel, onderzoeker van Wageningen University & Research, geeft uitleg. Hij deed eerder onderzoek naar falende luchtwassers in de varkenshouderij, dus hij zou goed moeten kunnen inschatten of we hier te maken hebben met de zoveelste fopspeen op het gebied van emissiereductie.

Wat Albert precies zegt, krijgt de kijker niet mee. We komen er ook niet achter wat de koeien ervan vinden dat in de stal elk uur gedurende een aantal minuten een soort douche wordt aan gezet om de mest te vermengen met water en de loopgedeelten schoon te spoelen. Koeien zijn hele gevoelige dieren, Schrikken ze ervan als de douche wordt aangezet? Vinden ze het vervelend of prettig, wennen ze eraan? Voor zover bekend wordt daar geen onderzoek naar gedaan. Niemand ook die er vragen over stelt.

Ik moest denken aan een uitzending van Focus op NPO2 een dag voor het werkbezoek, getiteld ‘’Animal Farm’’. Een belangrijk deel van de uitzending ging over koeien en de stress die ze ondervinden. Onderzoekster van het Research Institute of Farm Animal Biology (FBN) in Duitsland, gedragsbioloog Annkatrin Pahl: ‘’De koe heeft een heel gestresst leven waar ze niets over te zeggen heeft’’. Ze doelt op het moeten produceren van grote hoeveelheden melk, ‘’heel belastend voor het lichaam’’. Ze doelt op het geregeld veranderen van de sociale omgeving, het scheiden van koe en kalf. ‘’We vermoeden dat dat veel stress geeft.’’ En dan, aarzelend: ‘’Mijn persoonlijke mening is dat het met de melkkoeien zoals we ze nu houden niet heel goed gaat.’’

Daaraan moest ik denken toen ik de nieuwe minister van LVVN zag, terwijl ze op haar eerste werkbezoek was om schaamteloos reclame te maken voor ‘’Spoelen met water’’.

De dieren hebben niets te verwachten van ”puppets on a string”

Foto Wikimedia Commons/Fotograaf: Raphael Köhler

Geen zwaargewichten dus, maar twee ”puppets on a string”. De machtsgreep van big-agro via boerenpartij BBB is compleet. Op het ministerie met de nieuwe naam – LVVN – zijn twee lichtgewichten neergezet, achter de schermen kunnen vertegenwoordigers van het agrarisch bedrijfsleven hun gang gaan. De dieren hebben, zolang het kabinet Schoof in het zadel zit, niets te verwachten. Integendeel.

In het Financieel Dagblad staat een interview met een van de kopstukken van agrarisch Nederland, Ger Koopmans. Het nieuws over de twee nieuwe bewindslieden was op het moment van het vraaggesprek nog niet bekend. Maar hij heeft er ongetwijfeld van geweten. Het artikel maakt duidelijk dat big-agro heel goed in staat is zijn eigen boontjes te doppen. Ministers zijn alleen maar lastig, zo valt tussen de regels door te lezen.

Copa Cogeca

Bang voor Brussel is Koopmans niet. De verantwoordelijkheid voor het mest- en stikstofprobleem schuift hij volledig in de schoenen van ”de overheid”. Die heeft verzuimd de vermindering van de ammoniakuitstoot te waarborgen. Nu zitten de boeren met de gebakken peren. Om het tij te keren, is er volgens Koomans tijd nodig. Wie de verhoudingen een beetje kent, weet dat hij vertrouwt op het machtige Copa-Cogeca, de Europese agro-lobby, die al eerder de Europese natuurherstelwet wist te saboteren.

Koopmans kiest voor de lijn: als het niet goedschiks kan, dan maar kwaadschiks. ”Per jaar zijn er duizend inbreukprocedures omdat lidstaten EU-wetgeving negeren”, zegt hij. ”Dit is onderdeel van het EU-recht. Daar kun je gebruik van maken. Nederlanders willen altijd maar geliefd zijn, maar een goed onderhandelaar weet wanneer die welk gezicht opzet.’

”Boer aan het roer”

Koopmans – voorzitter van LTO, oud-politicus voor het CDA – heeft het over ”haalbare doelen, die we zelf kunnen bereiken”, ook zonder een ”kar belastinggeld”. Met andere woorden: hou dat geld maar in de zak, voor het geval Brussel met een rekening komt. ”Het is goed dat de nieuwe coalitie de boer weer aan het roer zet”, vindt hij. ”De boer moet gaan beslissen hoe hij die doelen haalt.” Welke doelen dat zijn, wordt niet duidelijk. Koopmans verwijst naar het hoofdlijnenakkoord. Maar daar staan helemaal geen concrete doelen in. Kennelijk mogen de twee ”puppets on a string” die samen met meneer Koopmans en consorten invullen.

Moties

Voor de dieren belooft dit allemaal weinig goeds. Dierwaardigheid is in het hoofdlijnenakkoord bestempeld als zaak van de lange termijn, met ”een realistisch tijdpad en een natuurlijk afschrijvingsritme”. Achter het ogenschijnlijk redelijke verzoek dat het wel haalbaar en betaalbaar moet zijn, gaan krachten schuil die vooral uit zijn op behoud van het bestaande veehouderijsysteem. Deze krachten hebben zich diep ingevreten in het ambtelijk apparaat. Lees Dierenwelzijn, de wet en onze democratie. Hier gratis te downloaden.

Er liggen nog wat moties die zijn aangenomen door de Tweede Kamer, veelal aan een meerderheid geholpen door de PVV. Zoals die van Tjeerd de Groot van 12 september 2023: ”verzoekt de regering om vanaf 1 januari 2025 alle ingrepen te verbieden, ook in lagere regelgeving, tenzij daarvoor een directe medische noodzaak is niet gerelateerd aan de manier waarop het dier wordt gehouden.” Of die van oud kamerlid Leonie Vestering, bedoeld om een einde te maken aan de import van kalveren. Of die van SP-kamerlid Sandra Beckerman, die vraagt om een plan om een einde te maken aan het doden van haantjes.

Buitenparlementaire acties

Het valt niet te verwachten dat de twee nieuwe bewindslieden deze moties gaan uitvoeren. Voor een PVV-er als Dion Graus wordt het de komende tijd nagelbijten. Voor de rest van het diervriendelijke deel van onze volksvertegenwoordiging valt te hopen dat ze de moed erin weten te houden. Het is belangrijker dan ooit dat maatschappelijke organisaties geregeld van zich laten horen. Buitenparlementaire acties van burgers en wetenschappers zijn zeker kansrijk, ook al beschikken zij niet over het zware materieel waarmee de boeren de afgelopen jaren hun belangen en die van big-agro hebben verdedigd. Dierenwelzijn is en blijft de achilleshiel van de veehouderij. En die kan ook zonder trekker worden geraakt.