Dierenwelzijn en biodiversiteit

Meer dierenwelzijn in de veehouderij zou de biodiversiteitscrisis wel eens kunnen vergroten. Moeten we omwille van de biodiversiteit dan maar helemaal geen vee meer houden? Ook niet biologisch? Zelfs niet biologisch dynamisch?

Aanvankelijk had ik willen schrijven over de betekenis van het houden van vee (graasdieren) voor de biodiversiteit en de betekenis van biodiversiteit voor het houden van vee. Over dieren die buiten leven in plaats van in stallen. Hoe dat niet alleen hun welzijn ten goede komt, maar ook van waarde kan zijn voor insecten, vogels. Hoe door een systeemverandering in de melkveehouderij – minder mesten en maaien, kruidenrijk grasland in plaats van Engels raaigras – de biodiversiteit in de weidegebieden zich zou kunnen herstellen. Hoe het bodemleven zou kunnen verbeteren.

George Monbiot, Regenesis

Maar ik ben ”om”. Ik had al zo mijn aarzelingen. Want hoeveel vee kunnen we vanuit het oogpunt van dierenwelzijn nog houden? Als we koeien, schapen, kippen, geiten en varkens de ruimte willen geven passend bij hun behoeften, hoeveel grond hebben ze dan nodig? En hoe richten we die nieuwe dierenverblijven in? Wat voor invloed heeft dat op de omgeving, ecologisch gezien?

George Monbiot heeft met zijn boek Regenesis mijn denkkader verbreed. En door een analyse op grond van 109 (!) studies kan ik er ook niet meer omheen:

wanneer in een gematigd klimaat het vee van het land wordt verwijderd, neemt de overvloed en diversiteit van planteneters en bestuivende insecten toe.

Ik wil er eigenlijk ook niet meer omheen, nu ik steeds vaker het begrip ”regeneratieve landbouw” tegenkom in publicaties vanuit de agrarische hoek of Wageningen Universiteit, waar ze al met behulp van 129 miljoen uit het Nationaal Groeifonds een ”pilot-project verdien- en ontwikkelmodellen voor regeneratieve landbouw” hebben opgezet. Ik zie dat vooral als poging om mee te liften op een nieuw begrip, om het te annexeren en vervolgens zo te incorporeren dat het bestaande systeem in stand kan blijven. Zoals ook gebeurd is met ”kringlooplandbouw”. Zoals nu ook gebeurt met ”dierwaardige veehouderij”.


Terwijl in Nederland – het meest veedichte land van Europa –

(Wordt vervolgd)