Na verbod op kippen vangen aan poten, nu ook handhaving coupeerverbod varkensstaarten?

Varkentje van de Amelandse keramiste Liesbeth Dul. Op de vraag waarom ze de krulstaart niet heeft geglazuurd, antwoordde ze: ”Om deze te accentueren”. (Eigen foto).

Na de succesvolle uitspraak van de rechter over het aan de poten vangen van kippen (gebruikelijk in de pluimveeindustrie, maar mag dus niet) is nu het wachten op een uitspraak over het routinematig couperen van varkensstaarten.

Stichting Wakker Dier, die een verzoek om handhaving van het verbod om kippen aan de poten op te pakken tot aan het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) had doorgezet, spreekt na de uitspraak van 21 juli over een ”historische winst” en ”eindelijk gerechtigheid”. Vanaf 1 januari 2027 treedt er een dwangsom in werking van € 60.000. Vanaf die datum moet de hele sector over op een andere vangmethode, zoals de rechtop-methode van Eyes on Animals.

Stichting Varkens in Nood, die vergelijkbaar traject aflegde met een zaak over het stelselmatig afknippen van varkensstaarten – een ingreep waarmee de varkenssector nog tot 2040 dacht te kunnen doorgaan – hoopt medio oktober op eenzelfde uitkomst. Hoewel directeur Frederieke Schouten een zogeheten ”begunstigingstermijn” tot 2030 niet uitsluit. ”Daar kunnen we mee leven. Er is wel een juridische stok achter de deur nodig. Dit is al dertig jaar verboden”, zei ze een dag na de zitting op 20 juli, waar naast Varkens in Nood en de handhavende instantie NVWA ook de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV) aanwezig waren.

NVWA komt steeds zwakker te staan

Voor een analyse van de rechtspraak in dierenwelzijnszaken is het nog iets te vroeg, maar het heeft er alle schijn van dat organisaties als Wakker Dier en Varkens in Nood er steeds beter in slagen om de verdedigingscode van de vee-industrie te kraken. Vooral de NVWA komt bij de rechter steeds zwakker te staan als het erom gaat duidelijk te maken waarom er tegen evidente wetsovertredingen niet wordt opgetreden.

In de drieënhalf uur durende zitting op 20 juli richtte de rechter van het CBB zich vooral tot de NVWA, die zich beriep op een ”open norm”. De wet zou te onduidelijk zijn, er komt een algemene maatregel van bestuur aan die voor de nodige afbakening gaat zorgen, voerde de NVWA aan. De rechter vroeg: hoe dan, wat dan en kan dat afbakenen niet nu al?

De zeer gedetailleerde inbreng van de juristen die het standpunt van Varkens in Nood verdedigden, gaf weinig aanleiding tot vragen. Volgens hen is het zo helder als wat: er geldt een verbod op couperen onder voorwaarden en als varkenshouders daar niet aan voldoen, dan overtreden ze de wet. Er moet bij de varkens sprake zijn van kwetsuren én getroffen maatregelen moeten ineffectief zijn gebleken. Is dat niet aangetoond, dan mogen ze niet couperen. Bij zeker drie van de vijf varkenshouders die te maken kregen met een verzoek om handhaving, konden de juristen van Varkens in Nood op basis van inspectieverslagen onderbouwen dat kwetsuren niet waren aangetoond.

Uitvluchten verzinnen kan niet meer

Zolang de rechter nog niet heeft gesproken, is dit in elk geval pure winst: de juristen van Varkens in Nood hebben zeer nauwkeurig omschreven wat het coupeerverbod inhoudt. Net als bij het aan de poten vangen van kippen: uitvluchten verzinnen kan niet meer.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *