De Britse dierenarts dr. Steven McCulloch heeft geen goed woord over voor de intensieve varkenshouderij. Hij vindt dat al zijn collega’s zich uit deze sector moeten terugtrekken.
”Het is de verantwoordelijkheid van de dierenarts om landbouwhuisdieren te beschermen op de boerderij, tijdens het transport en bij de slacht”, betoogt hij in het veterinaire tijdschrift Vetrecord. Om varkens te beschermen moet de dierenarts er simpelweg voor pleiten deze dieren niet meer op ons bord toe te laten, aldus McCulloch, verbonden aan de Universiteit van Bristol.
Varkens lijden op grote schaal, stelt hij vast. ”Wereldwijd is de intensieve varkenshouderij naar de bodem weggezakt. Oproepen tot hervorming worden tegengewerkt omdat het risico bestaat dat varkensvlees wordt geïmporteerd uit landen waar de omstandigheden nog slechter zijn. De varkensindustrie lobbyt luidkeels tegen de etikettering van de productiemethode, waardoor consumenten zich nog steeds niet bewust zijn van de smerige oorsprong van wat er op hun bord ligt.”
Tien miljoen varkens jaarlijks in VK geslacht
In het Verenigd Koninkrijk worden jaarlijks tien miljoen varkens geslacht. Varkens zijn een zeer gevoelige, sociale en intelligente soort, aldus McCulloch. ”Ze hebben een scala aan sterk gemotiveerde natuurlijke gedragingen.” In plaats van aan die gedragsbehoeften tegemoet te komen, worden enkele dagen na de geboorte de staarten van biggen gecoupeerd. Hun tanden worden geknipt en ze worden gecastreerd, verminkingen die bijna altijd zonder verdoving of pijnstilling worden uitgevoerd. McCulloch wijst erop dat wetgeving in de EU en het VK het couperen van staarten verbiedt, tenzij er sprake is van een veterinaire noodzaak. Ondanks het verbod wordt bij maar liefst 90 procent van de varkens in de EU en 70 tot 80 procent van de varkens in het VK nog steeds de staart geamputeerd.
Conservative Animal Welfare Foundation
McCulloch is er klaar mee. We hoeven geen varkens te eten. Er zijn genoeg alternatieven, zegt de man die niet alleen deel uitmaakt van de dierenwelzijnsfaculteit van de Universiteit van Bristol, maar ook hoofd onderzoek is bij de Conservative Animal Welfare Foundation (CAWF). Dit is een in 2016 opgezette organisatie die zich inzet voor het verbeteren van het welzijn van landbouwhuisdieren in het VK. Het is een van de vele organisaties in het VK die actief zijn op dit gebied, maar wel de enige die ”conservative” in de naam heeft opgenomen. De CAWF benadrukt overigens onafhankelijk te zijn.
Een grote meerderheid van de Tweede Kamer wil een afname van het vervoer van dieren over lange afstanden. Een motie van VVD en NSC (nr. 28286-1348) kreeg deze week een zeer ruime meerderheid. Alleen BBB en FvD stemden tegen.
Het vervoer van dieren gaat geregeld gepaard met misstanden. Dat heeft zeker een rol gespeeld bij het opstellen van de motie en het stemgedrag. Maar Nederland heeft ook wat in te halen. De veehouderijsector profileert zich graag als koploper op het gebied van dierenwelzijn. Als we echter naar andere landen kijken, dan is een motie met een oproep tot een ”forse daling” nog niet eens het begin van een revolutie.
Het is bovendien ”maar” een motie. Landbouwminister Femke Wiersma kan deze naast zich neerleggen.
Exportverbod VK
De eer van koploper in Europa komt – als het om transport van dieren gaat – toe aan het Verenigd Koninkrijk. Daar is dit jaar besloten tot een verbod op de export van levende dieren (met uitzondering van dieren die bestemd zijn voor het fokken of voor deelname aan wedstrijden). Duitsland besloot al eerder om diertransporten naar niet-EU-landen te beperken door per 1 juli 2023 veterinaire certificaten in te trekken. Nieuw Zeeland verbood per 2023 de export van dieren over zee. En in Brazilië heeft de rechter bepaald dat er geen levend transport meer mag plaatsvinden vanuit de havens van dat land.
Nederland verschuilt zich vaak achter het argument dat een verbod alleen economisch verantwoord is als het op Europees niveau wordt ingevoerd. Maar wachten op ”Europa” is zinloos zolang landen als Frankrijk, Griekenland, Ierland, Litouwen, Letland, Portugal, Roemenië en Spanje dwars liggen.
Bij de langeafstandstransporten van vee wordt een onderscheid gemaakt tussen export binnen en buiten de EU, en tussen vervoer korter en langer dan acht uur. Vanuit Nederland bekeken zijn Duitsland en België de grootste afnemers van vee. In 2020 werden ruim 300.000 ritten uitgevoerd binnen de 200 km, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Het aantal ritten met levende dieren tussen de 500 en 1000 km bedroeg toen 6.2000. Ritten van 1000 km of meer werden afgelegd voor 2500 transporten. De export van biggen vanuit Nederland naar Spanje (>1000 km) is de afgelopen jaren wel sterk toegenomen (meer dan 2 miljoen dieren).
Uit de tekst van de motie van VVD en NSC blijkt dat deze is gericht tegen alle diertransporten vanuit het oogpunt van dier- en volksgezondheid (preventie dierziekten en zoönosen) en tegen transporten langer dan acht uur vanuit het oogpunt van dierenwelzijn.
Je moet er niet aan denken: een octopuskwekerij. Wie verzint zoiets? Toch is er, als je erover nadenkt, niet zo heel veel verschil met een varkenshouderij.
Stel dat we in Nederland helemaal geen intensieve veehouderij zouden kennen en iemand zou het plan opvatten om duizenden in het wild levende varkens op te sluiten in een stal. De verontwaardiging zou vermoedelijk groot zijn. Maatschappelijke organisaties en wetenschappers zouden erop wijzen dat deze dieren pijn kunnen lijden, stress ervaren, in een stal niet zichzelf kunnen zijn. Er zou verzet komen, een oproep tot een verbod. En dat verbod zou er komen.
”Animal dignity”
In een van de weinige boeken die geheel zijn gewijd aan dierwaardigheid – de bundel Animal Dignity, samengesteld door Melanie Challenger (2023) – staat een prachtig, ontroerend en waargebeurd verhaal over een mens en een octopus. De Amerikaanse schrijfster Sy Montgomery vertelt wat haar overkwam.
Ze ontmoette Athena, een reuzen Pacific octopus, in een opvang van het New England Aquarium. Ze wist dat het hele intelligente dieren zijn, met emoties en individuele persoonlijkheden. Ze had ook al eens in de ogen van een octopus gekeken en zich afgevraagd wat het dier zou denken. Toch was haar ontmoeting met Athena een onverwacht intieme gebeurtenis. Ze omarmden elkaar – ”het contact met haar zuignappen voelde als een kus” – en het linkeroog van Athena zocht het oog van Sy, die met haar vingertoppen het zijdezachte hoofd streelde van de octopus. ”Haar huid wordt wit onder mijn aanraking”.
Als ik twee jaar geleden de film My octopus teacher had gezien, was ik minder verrast geweest door het verhaal van Sy. Dan was ik erop voorbereid wat het contact tussen mens en reuzenkraak teweeg kan brengen. De ontmoeting met een octopus kan je leven veranderen, zo ondervond ook Craig Foster. Zie onderstaande trailer.
Verbod in twee staten: California en Washington
Wetende wat voor mooie wezens octopussen zijn, die solitair leven te midden van al die andere ongewervelde en gewervelde zeedieren, moet je er niet aan denken dat deze dieren gekweekt gaan worden in onderwatertanks voor hun vlees. Toch is dat precies wat er dreigde te gebeuren in California en Washington.
Acties van onder meer Compassion in World Farming leidden in beide staten tot een verbod. Bij het Amerikaanse Congres ligt nu een wetsvoorstel voor een verbod op intensieve octopuskweek in álle staten en op de import van gekweekte producten van deze intelligente en voelende wilde dieren.
Compassion in World Farming (CiW) richt nu zijn pijlen op een Spaans initiatief voor een octopuskwekerij. Nueva Pescanova heet het bedrijf dat een octopuskwekerij wil beginnen op de Canarische Eilanden. Jaarlijks zullen daar een miljoen octopussen in kale bakken worden opgesloten, waar ze geen enkele ruimte hebben voor hun natuurlijke gedrag. Ook bestaan er geen methodes om de dieren pijnloos te doden, aldus CiW. Op de website is een video van een stervende octopus in een ijsbad.
Screenshot van website Pescanova. Bij de producten staat al een afbeelding van de ”poten van de octopus”, ”gekookt in hun eigen sap”.
Update 27 oktober 2024: Nueva Pescanova ziet voorlopig af van de kweek van octopussen in Las Palmas. zo meldt Animals Today. Het Spaans bedrijf ontmoette veel weerstand en is er ook achter gekomen dat het niet zo eenvoudig is solitair levende octopussen in kweekbakken in leven te houden. Update 8 oktober 2025: CiW is er niet zo zeker vandat Nueava Pescanova ook echt gaat stoppen met de kweek van octopussen.Er is een nieuw rapport verschenen over de gevaren van ontopuskweek.
Nieuw universum van mededogen
Sy Montgomery bezocht de octopus Athena drie keer. Ze leest ondertussen veel, op zoek naar een antwoord op de vraag hoe het is een octopus te zijn. Ze leert dat het menselijk bewustzijn slechts een van de vele vormen van bewustzijn is. Een week na haar laatste bezoek krijgt ze een overlijdensbericht. Sy huilt. ”Waarom dit verdriet? Ik wist dat octopussen niet lang leven. Ik wist dat Athena me herkende, maar dat ik geen speciale vriend van haar was. Maar zij betekende zoveel voor mij.”
Een paar weken later krijgt Sy een uitnodiging om kennis te maken met een jonge octopus in de opvang. Met deze Octavia bouwt ze een relatie op. Hoe een octopus vriendschap beleeft, weet ze niet. ”Maar voor mij opende Octavia een nieuw universum van mededogen, eerbied en liefde voor alle levende wezens, ongeacht hoe verschillend we ook zijn.”
Varkens staan dichter bij de mens dan ongewervelde zeedieren
Vooral het laatste deel van de zin van Sy Montgomery treft me: ”ongeacht hoe verschillend we ook zijn.”
Varkens staan veel dichter bij de mens dan de ongewervelde zeedieren. Net als met kippen leefde de mens lang samen met varkens in kleine gemeenschappen. We bouwden een band met ze op, raakten ze aan, keken ze in de ogen. Toch maakten we ze dood, we offerden ze, we aten ze op.
Met de kennis van nu stellen we vragen. Met de welvaart van nu beschikken we over talrijke alternatieven. Met de dreiging van een grote biodiversiteitscrisis, raken we steeds meer gemotiveerd om oude gewoonten en denkbeelden los te laten. En kan een octopuskwekerij op grote weerstand rekenen. Net als een bedrijf dat duizenden in het wild levende varkens zou opsluiten in een stal. De stap naar een verbod op stallen vol met vleesvarkens is dan niet zo groot meer. Velen hebben het al ondervonden, anderen hebben het zien gebeuren: ook een ontmoeting met een vleesvarken kan je leven veranderen.
Na een regeerperiode van nog geen twaalf weken blijkt dat het de Boer Burger Beweging (BBB) tot dusver niet is gelukt een voor de intensieve veehouderij geslaagde greep naar de macht te doen. De naam van het ministerie mag dan zijn veranderd, maar dat betekent nog geen ingrijpende koerswijziging. Daar is een meerderheid van de Tweede Kamer voor nodig. Als het om dierenwelzijn gaat kan het zo maar gebeuren dat de BBB helemaal alleen staat. Zeker als deze partij de geschiedenis negeert en voorbij gaat aan grote veranderingen die gaande zijn in het denken over dieren.
Zo bracht de Kamercommissie voor landbouw op 25 september 2024 in een debat over dieren in de veehouderij de nieuwe minister Femke Wiersma vrij eenvoudig aan het wankelen. Vooral door duidelijk te maken dat ze alles wat de kamerleden de afgelopen jaren met elkaar hebben bereikt op het gebied van dierenwelzijn, niet zomaar bij het grof vuil kon zetten.
Hoofdlijnenakkoord
Bij het opstaan voor een schorsing moet Wiersma hebben gevoeld dat haar hoge hakken onder haar voeten waren afgebroken. Na tweeënhalf uur debatteren over een veeprikker – ook wel stroomstootwapen genoemd – zag ze dat alleen BBB-er Cor Pierik haar nog steunde. Haar coalitiegenoten VVD, PVV en NSC hadden geen boodschap aan het beroep dat ze bij herhaling deed op het Hoofdlijnenakkoord.
Volgens Wiersma bood dat akkoord geen ruimte voor een verbod op de veeprikker zonder dat ze eerst zelf overleg had gevoerd met ”de sector”. Het verbod was in haar ogen een ”nationale kop” bovenop bestaande Europese regelgeving. En ”nationale koppen”, zo was in de coalitie van BBB, NSC, VVD, en PVV afgesproken, waren uit den boze. Een standpunt dat ze lange tijd volhield, ook nadat routinier Thom van Campen van de VVD had gezwaaid met het wetsvoorstel van haar voorganger Piet Adema. Als de minister dat niet naar de Kamer zou sturen, zou hij dat zelf doen, zei hij.
Wat is een veeprikker? Dat is een apparaat waarmee dieren een stroomstoot wordt toegediend. Op het apparaat zitten twee pennen die bij aanraking een kortstondige impuls 4000 tot 5000 volt overbrengen. Wie wel eens een eenvoudig schrikdraad met een spanning van 4500 volt per ongeluk heeft vastgepakt, weet hoe dat voelt. Volgens BBB-kamerlid Cor Pierik valt dat wel mee. Volgens hem is het ''een soort zaklampje met batterijtje dat een stroomstootje geeft.'' De veeprikker wordt nogal eens gebruikt bij het laden van varkens of koeien, wanneer de dieren niet snel genoeg de veewagen in gaan. In het verleden hebben beelden van het gebruik van dit apparaat - ook wel stroomstootwapen genoemd - geregeld geleid tot ophef en de roep om een verbod. Iets waar de vorige minister van landbouw Piet Adema, na veel heen en weer gepraat met de sector (boerenorganisaties, veehandel) en de Tweede Kamer toe is overgegaan. Adema had een wetsvoorstel nagelaten aan zijn opvolger, die het alleen nog maar door de Tweede en Eerste Kamer hoefde te loodsen.
Hugo van Kasteel souffleert Wiersma
Haar ambtenaar Hugo van Kasteel, directeur dierlijke agroketens en dierenwelzijn, moest zijn minister veelvuldig souffleren. Wiersma toonde fysiek steeds meer ongemak. Iets waar ook Harm Holman (NSC) last van had. Hij had het zweet op zijn voorhoofd staan, stond op en gaf aan dat hij even zijn handen ging wassen (zie debat 2.24 uur). Het leidde tot een schorsing waarin de nieuwe minister besefte dat ze zich gewonnen moest geven. Bij terugkeer verwees ze opnieuw naar haar opdracht vanuit het Hoofdlijnenakkoord, ”maar ik zie ook hoe dit leeft”, ze ze. Waarna ze aankondigde het wetsvoorstel van Adema na bespreking in de ministerraad rond het herfstreces naar de Kamer te sturen.
Update 5 november 2024 Landbouwminister Wiersma heeft een ontwerpbesluit naar de Tweede Kamer gestuurd dat voorziet in een verbod op het gebruik van stroomstootapparatuur op veehouderijen en bij binnenlands transport. Dus niet voor het gebruik in slachthuizen. Het gebruik geldt ook niet bij het laden en lossen van dieren van en naar een ander land in de EU. Ook het gebruik door een dierenarts is vrijgesteld. Het verbod zal naar verwachting per 1 juli 2025 van kracht worden.
Update 27 november 2025 Tot groot ongenoegen van de Tweede Kamer is het verbod op het gebruik van stroomstootapparatuur nog altijd niet ingegaan. Wiersma weigerde tot dusver het verbod in werking te laten treden. Het verbod zal op 1 januari 2026 van kracht worden, kondigt ze nu aan.
Vee&Logistiek en de organisatie van de varkenshouderij POV hebben inmiddels een flyer gemaakt over het laden en lossen van varkens zonder gebruik van veeprikkers. Deze bevat acht praktische tips. Maar die zijn moeilijk uitvoerbaar in een sector waar het vooral gaat om zeer grote aantallen dieren die zo snel mogelijk aan de slachthaak moeten hangen.
Update 20 februari 2026 In haar laatste brief aan de Tweede Kamer schrijft demissionair minister Wiersma dat het verbod op de veeprikker per 1 januari 2026 is ingegaan. Het geldt alleen voor het gebruik op boerenbedrijven en in geval van nationaal transport. In slachthuizen en bij internationaal transport mag de veeprikker nog wel worden gebruikt, onder Europese voorwaarden. Dat betekent alleen bij volwassen runderen en varkens die weigeren te lopen. De stroomstoot mag maximaal één seconde duren. Als het dier niet reageert is een tweede stroomstoot niet toegestaan.
De NVWA heeft aangegeven het beperkte verbod op het gebruik van veeprikkers niet te kunnen handhaven. Daarvoor zijn heterdaadjes nodig en dat is met dit verbod niet mogelijk. Misschien te zijner tijd, met behulp van drones. ”Ik steun de NVWA in het verkennen en concretiseren van innovatieve technieken (zoals dronetoezicht) om toezicht op dierenwelzijn te ondersteunen en te verbeteren”, aldus Wiersma.
Een eerdere aflevering van Hoge hakken schreef ik op 14 september 2024.
Een nieuwe blog over onze nieuwe minister van Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur. Daar is alle aanleiding toe. Behalve dat ze graag op hoge hakken loopt, weten we inmiddels ook dat ze nog niet erg succesvol is met het krimpen van de veestapel. Minder bekend is dat minister Femke Wiersma de veehouderij nóg dierwaardiger wil maken. Dat staat althans in het op vrijdag de 13de september verschenen Regeerprogramma van het kabinet Schoof.
'' Er worden in een realistisch tijdpad concrete stappen gezet naar een nog dierwaardiger veehouderij, waarbij ook wordt bezien hoe het vervoer van dieren over lange afstanden beëindigd kan worden, als dit niet volgens de geldende, Europese dierenwelzijnseisen kan en niet kan worden gehandhaafd.''
In dezelfde alinea gaat het over een kennisagenda (verwacht voor de zomer van 2025) en over de ontwikkeling van ”pilots en ketendeals”. Om te waarborgen dat de aandacht voor dierwaardigheid niet verslapt, komt er ”een onafhankelijke toets op de voortgang in de vorm van een autoriteit”. Iets wat overigens al door de vorige minister op verzoek van de Tweede Kamer was toegezegd.
Geld voor ”nog meer dierwaardigheid” is er pas in 2026. Maar hoeveel? Zoals bekend krijgt de BBB-minister de beschikking over 5 miljard voor ”innovatie en doelsturing, een brede opkoopregeling, mest”. Verder is die 5 miljard, zo blijkt uit het regeerprogramma, bestemd voor visserij, natuur, agrarisch natuurbeheer en ”andere prioriteiten, zoals het verdienvermogen van (jonge) boeren, ketenafspraken, dierwaardigheid en -gezondheid, klimaatadaptatie en voedseleducatie.”
NPLG geschrapt
De 24 miljard die het vorige kabinet voor de aanpak van de stikstofcrisis én al deze beleidsterreinen had gereserveerd, is door de BBB bij de onderhandelingen over het nieuwe kabinet, inclusief het Nationaal Programma Landelijk Gebied'(NPLG), weggegeven. Wat dat betekent voor het zogeheten ”meekoppelen” van andere doelen, zoals ”Kaderstelling dierwaardige veehouderij” (zie handreiking gebiedsprogramma’s), moet worden bezien. Maar te vrezen valt dat hiervan weinig meer terecht komt. En het klonk zo mooi:
''Dierwaardige veehouderij – met waarborgen voor dierenwelzijn en diergezondheid – is een integraal onderdeel van kringlooplandbouw. In een integrale benadering worden zowel de hoofddoelen van het NPLG als de hoofddoelen van kringlooplandbouw bevorderd, waaronder dierenwelzijn en diergezondheid. Dat betekent ook bij het verbouwen of verplaatsen van stallen inzetten op het gebruik van integraal duurzame systemen, die dus diergericht ontworpen zijn. De eisen van diergericht ontwerpen kunnen worden meegenomen in de planvorming.'' (bijlage 14, pagina 103 Handreiking gebiedsprogramma's)
Wijziging Wet dieren
Sinds 1 juli van dit jaar is de Wet dieren gewijzigd. Er is een artikel aan toegevoegd met 2040 als jaar waarin dierwaardigheid gerealiseerd moet zijn. Dat is te danken aan oud-D66 kamerlid Tjeerd de Groot en VVD-er Thom van Campen. Zij hebben een bepaling in de wet laten opnemen waarin staat dat de minister binnen een jaar na 29 mei 2024 (dus voor 30 mei 2025) met algemene maatregelen van bestuur moet komen, die invulling geven aan een dierwaardige veehouderij.
Wiersma liet tijdens een debat met de vaste Kamercommissie van LVVN op 25 september weten dat ze hiervan op de hoogte is. ”Die verplichting wil ik nakomen”, zei ze. Besprekingen over het convenant dierwaardige veehouderij met vertegenwoordigers van de sectoren, de Dierenbescherming, markt- en ketenpartijen worden voortgezet. ”Er is een constructief proces gaande.” Veel geld is er vooralsnog niet: op de begroting van 2025 staat het schamele bedrag van 1 miljoen, bedoeld voor ”pilots/ketendeals waarin beoogde dierinhoudelijke maatregelen bij meerdere boerderijen worden toegepast om te leren of de maatregel het beoogde dierenwelzijnseffect heeft en om neveneffecten in kaart te brengen.” Voor 2026 en daarna zijn er nog geen uitgaven ingeboekt.
Nieuwste trend in pluimveeland: de vangmachine. Kippen die naar de slacht moeten, worden, alsof het aardappels zijn, opgeveegd en in het apparaat gezogen. Van de Dierenbescherming mag het. Voor een promotievideo is de leverancier langs geweest bij een houder van 300.000 vleeskuikens (mét Beter Leven keurmerk 1 ster).
De vangmachine moet een einde maken aan het handmatig vangen van vleeskuikens. Toepassing van de machine scheelt de helft aan personeel. Voor de vangers – veelal arbeidsmigranten – betekent dat verlies van zwaar, zeer ongezond, maar goed betaald werk. Voor de pluimveehouders tellen vooral de euro’s. Ze zeggen ook dat het diervriendelijker is. Maar de machine veroorzaakt veel stress en meer bloedingen.
Van de Dierenbescherming mag het: veel stress en meer bloedingen
In een video van Agrio wordt de vangmachine Apollo gepromoot als een alternatief voor het handmatig verwijderen van kippen uit een stal. Daarbij pakken vangers deze dieren op aan de poten, houden ze op de kop, waarna ze de dieren in kratten proppen. Het vangen van kippen aan de poten mag al een tijdje niet meer, maar werd nog oogluikend toegestaan. Tot 15 augustus van dit jaar. Als het goed is, gaat de NVWA sindsdien over tot handhaving.
De beelden van de Apollo zijn gemaakt bij het megapluimveebedrijf van de gebroeders Huizinga in het Friese Firdgum (Beter Leven Keurmerk 1 ster, 11 stallen 300.000 vleeskuikens). Huizinga noemt de vangmachine arbotechnisch een hele vooruitgang. Volgens Huizinga komt deze wijze van vangen neer op 3,5 tot 3,6 cent per kip, inclusief vervoer. ‘’Dat is op ons bedrijf wel rond te rekenen’’, zegt hij. (Een vleeskuiken brengt op het moment tussen de €1,15 en €1,20 per kg op).
Bram Godrie van Shovelbedrijf RieVo BV – de leverancier van de Apollo Universal – voorspelt een goede toekomst voor de vangmachine. Een video van RieVo BV demonstreert, begeleid door een niets-aan-de-hand-muziekje, hoe het apparaat per uur 14.000 tot 26.000 kilo kippen kan laden. Dat zijn uitgaande van een slachtgewicht van 2,4 kg tussen de 5.833 en 10.833 kippen.
Onderzoek WUR
Wageningen Universiteit & Research (WUR) heeft deze zomer een rapport gepubliceerd, waarbij vooral is gekeken naar de verwondingen ten gevolge van het vangen van kippen, handmatig en machinaal. Machinaal vangen met een Apollo vangmachine geeft significant meer bloedingen, zowel grote als kleine, maar leidt niet tot meer vleugelbreuken of dislocaties bij de beoordeelde dieren in dit onderzoek. Bij machinaal laden ligt het percentage bloedingen op 5,18, terwijl het bij regulier vangen 1,87 is. Het aantal dieren met schade aan de vleugel verschilt niet significant en komt uit op 0,42 procent bij machinaal vangen en 0,49 procent bij regulier vangen.
Conclusie van het onderzoek is dat rechtop vangen (zoals aanbevolen door dierenwelzijnsorganisatie Eyes on Animals) beter is voor de kuikens en dus de voorkeur verdient. Wel is duidelijk dat deze methode meer tijd kost. Er is ruim twee keer zoveel tijd voor nodig ten opzichte van regulier laden (vangen aan de poten).
Sinds 1 januari 2024 bevat de Wet dieren een artikel (5.10a) waarin staat dat houders verplicht kunnen worden tot het volgen van een cursus of training. Daarvan kan bijvoorbeeld sprake zijn als een of meerdere dieren onvoldoende verzorging krijgen.
Deze bepaling geldt niet voor gevallen van dierenmishandeling, waar het Openbaar Ministerie en de strafrechter aan te pas komen. Het gaat om houders die de Wet dieren of het Besluit houders van dieren overtreden en te maken krijgen met de bestuursrechter.
Op 26 augustus 2024 heeft de minister van Justitie D. van Weel bekend gemaakt dat deze maatregel nog niet opgelegd kan worden. Er zijn volgens hem ”niet voldoende” cursusmogelijkheden. ”Dit wordt momenteel nader uitgewerkt”, aldus Van Weel.
Het einde van de martelkamers van de varkensindustrie – de zogeheten kraamkooien – lijkt nabij. Varkens in Nood had al in 2021 een verzoek om handhaving ingediend tegen een varkenshouder die zijn zogende zeugen gedurende een aantal weken op de grond klem legt tussen stangen.
Het verzoek werd destijds afgewezen. Drie jaar later diende de zaak voor het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Daar gaf een vertegenwoordiger namens de minister toe dat een gebrek aan bewegingsvrijheid leidt tot stress en abnormaal gedrag. Maar hij beriep zich erop dat dit een redelijk doel dient – het beperken van biggensterfte – waardoor het lijden van de zeug niet ‘onnodig’ en het gebruik van de kraamkooi gerechtvaardigd is.
Onvoldoende onderbouwd
Het CBb stelde echter vast dat de minister het gebruik van de kraamkooi onvoldoende heeft onderbouwd. De minister moet aantonen waarom een kraamkooi langer gebruikt mag worden dan drie á vier dagen na de geboorte van de biggen. Ook zal volgens de rechter onderzoek moeten worden gedaan naar de leeftijd van de in een kraamkooi gehouden biggen. ”Verder dient de minister met inachtneming van deze uitspraak een standpunt te bepalen over de vraag of het gebruik van een kraamkooi in het algemeen reeds een overtreding oplevert van artikel 1.6, tweede lid van het Besluit houders van dieren, en zo ja, waarom hiertegen niet zou kunnen worden opgetreden.”
Een mooie uitspraak voor Varkens in Nood en alle tussen stangen klem gezette zeugen en hun biggen. Los van het definitieve oordeel dat de rechter velt zodra aanvullend onderzoek binnen is, komt het einde van het gebruik van kraamkooien langzaam maar zeker in zicht. De Dierenbescherming propageert al enige tijd via het Beter Leven Keurmerk de zogeheten vrijloopkraamhokken. Bij Beter Leven 2 is vrijloop vanaf vijf dagen na werpen al onderdeel van de voorschriften. Bij 3 sterren geldt drie dagen opsluiting als maximum. In 2035 zijn de varkenshouders met BLK 1 ster aan de beurt.
Nederland loopt achter
Het vrijloopkraamhok is al verplicht in Noorwegen, Zweden en Zwitserland. Oostenrijk volgt in 2033 en Duitsland in 2035. In 2021 was nog de verwachting dat Nederland dit al in 2024 wettelijk geregeld zou hebben. De varkensindustrie heeft daar toen een stokje voor gestoken. Mocht het ministerie van LVVN het argument kostprijsverhoging willen aanvoeren, dan zal dat hoogstwaarschijnlijk bij de rechter geen stand houden. Alleen al het gegeven dat andere landen hun zeugen veel meer bewegingsvrijheid (gaan) geven, maakt dat de Nederlandse rechter wel eens met een voor varkens zeer gunstige en baanbrekende definitieve uitspraak kan komen.
Vrijloopkraamhokken op de markt
Er zijn inmiddels zogeheten vrijloopkraamhokken op de markt. Zonder zeugenklem. Op onderstaande video is te zien wat de zeug ermee opschiet. Ze kunnen worden uitgevoerd in combinatie met apart te verwarmen biggennesten.
Update 12 februari 2025 Van der Plas (BBB): ”Activisten maken gezinsbedrijf kapot”
In een vergadering van de Tweede Kamer-commissie voor landbouw op 11 februari 2025 laat kamerlid Caroline van der Plas weten dat de NVWA niet alsnog met een onderbouwing, noch aanvullend onderzoek is gekomen en nu moet overgaan tot handhaving. ”Activisten maken gezinsbedrijf kapot”, twittert ze, doelend op Varkens in Nood. De gevolgen zijn groot volgens Van der Plas. De uitspraak van het CBb treft volgens haar honderden varkenshouderijen. Staatssecretaris Rummenie (ook BBB), die over de NVWA gaat, laat weten binnen enkele weken met een brief te komen aan de Tweede Kamer. Hij zal dan moeten ingaan op de vraag of het opsluiten van een zeug in een kraamkooi in strijd is met artikel 1.6, lid 2 van het Besluit Houders van Dieren (”Een dier wordt voldoende ruimte gelaten voor zijn fysiologische en ethologische behoeften”).
Update 11 maart 2025
Staatssecretaris Rummenie (BBB) van landbouw meldt in een brief aan de Tweede Kamer dat een ”sectordeskundige” de zaak bekijkt en binnenkort met een verslag komt. Het Besluit houders van dieren zegt volgens Rummenie op zich niets over het houden van dieren in kraamkooien. Uit artikel 1.6, lid 2, valt niet af te leiden of dat is verboden dan wel toegestaan. Als dieren onvoldoende ruimte wordt gelaten voor hun fysiologische en ethologische behoeften, is dat een overtreding, aldus Rummenie. Binnenkort wordt duidelijk hoe dit afloopt. Mocht de NVWA tot handhaving overgaan, dan volgt er eerst een ”voornemen” waarop varkenshouder en Varkens in Nood nog kunnen reageren. Het kan dus nog wel even duren. Tegen die tijd ligt er waarschijnlijk een voorstel om het gebruik van kraamkooien uit te faseren. Het is echter de vraag of de rechter daarop gaat wachten. Niet uitgesloten is dat de NVWA wordt gedwongen tot handhaving over te gaan.
Update 3 juli 2025
Demissionair taatssecretaris Rummenie (BBB) van landbouw meldt dat de NVWA heeft besloten niet over te gaan tot handhaving. ”Verschillende afwegingen liggen hieraan ten grondslag”, schrijft Rummenie aan de Tweede Kamer, ”zoals belangen van het dier, belangen van de varkenshouder en evenredigheid en proportionaliteit. Inmiddels is het besluit aan de belanghebbenden gestuurd en tegen dit besluit staat beroep open bij de rechter.” Het verslag van de sectordeskundige waarover Rummenie het in maart nog had, zit niet als bijlage bij de brief.
De kwestie kraamkooien is door de Tweede Kamer op 25 juni controversieel verklaard. Uit de conceptregeling AMvB dieraardige veehouderij blijkt dat het demissionaire BBB-duo op het ministerie van LVVN niet van plan is bestaande kraamkooien met een beperking van de bewegingsvrijheid in rond het werpen en enkele dagen daarna te gaan verbieden. Bestaande kraamkooien met zeugenklem zijn nog tot 2040 toegestaan, tenzij er voor die tijd een ingrijpende verbouwing plaatsvindt en mits de zeugen zich vier tot zeven dagen ná het werpen vrij kunnen bewegen en omdraaien.
Update 2 februari 2026 De Dierenbescherming houdt vast aan 2035 als jaar waarin alle zeugen op houderijen met het keurmerk Beter Leven een vrijloopkraamhok van 7,5 vierkante meter tot hun beschikking hebben.
Dat het publiek Limousin runderen maar beter kan mijden, zeker als ze kalveren hebben, is al geruime tijd bekend. Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten hebben om die reden al in 2006 een protocol opgesteld om Limousins niet meer in te zetten in open gestelde terreinen.
Dat is nu toch is gebeurd in het Limburgse Spaubeek, waar een wandelaar slachtoffer werd van een kudde Limousins, zou reden moeten zijn voor nader onderzoek. Mogelijk is er enige vorm van nalatigheid in het spel. Het OM heeft volgens de media echter te kennen gegeven dat het niet om een strafbaar feit gaat.
De Limousin-runderen zijn eigendom van een boer (houder van vleesvee) uit de buurt. Zijn koeien grazen op een weiland aan het onlangs open gestelde Vrouwenbosschervoetpad. Daar was rechtstreeks contact mogelijk. Het pad is nu door de gemeente Beek afgesloten.
Niet alleen de stieren, maar ook de koeien van het Limousin-ras staan bekend als dieren waarvoor de mens op zijn hoede moet zijn. Zeker als ze kalveren bij zich hebben. ”Een aantal incidenten heeft geleerd dat dit ras af en toe agressief gedrag kan vertonen”, aldus het rapport Grote grazers, aanvaardbare risico’s van Van den Herik & Verkaart uit 2017.
In andere landen doen zich geregeld incidenten voor tussen loslopende koeien en mensen. De Franse dierenarts Paul Libmann weigert te spreken over agressieve koeien. ”Deze daden zijn het werk van individuen die zich aangevallen voelden, vanuit hun oogpunt”, zegt hij in L’Indépendant. ”Het is essentieel om ons gedrag aan te passen aan de reacties die we bij deze dieren kunnen veroorzaken. Het is aan ons om ons aan hun regels te houden, en niet andersom. Respecteer afstanden (vooral als je vergezeld wordt door een hond, zelfs aangelijnd), beweeg langzaam, vermijd gebaren, spreken en natuurlijk schreeuwen. De gouden regel is kalmte, een discrete benadering. In één woord: respect.”
Grote aantallen dieren houden in een delta heeft zo z’n gevolgen. Virussen gedijen er goed. Knutten en wilde vogels, talrijk vanwege de waterrijke gebieden, brengen ziektes over die door de concentratie van grote hoeveelheden vee geregeld tot dramatische uitbraken leiden. Nederland is een succesvol virusland.
Terwijl boerenorganisaties en hun politieke geestverwanten de vruchtbare delta van Nederland graag aanprijzen als dé plek in Europa waar dankzij hoogwaardige landbouw een belangrijke bijdrage kan worden geleverd aan voedselzekerheid, laat de realiteit een hele andere kant van de medaille zien. Bijgaande kaartjes tonen wat er zich afspeelt in de Nederlandse delta, waar het door knutten verspreide blauwtongvirus type 3 in 2023 en 2024 zeer veel dodelijke slachtoffers maakte onder schapen.
Ook koeien werden en worden getroffen door blauwtong. Op 2200 bedrijven deden zich in 2023 ziekteverschijnselen voor. De melkproductie liep op deze bedrijven terug met één kg per koe per dag. Die daling hield gemiddeld 9 tot 10 weken aan. De sterfte onder koeien was 1,5 keer tot 3,5 keer hoger in vergelijking met voorgaande jaren. Dat beeld herhaalde zich in 2024. Er zijn melkveebedrijven die de helft van hun koeien zagen aangetast door het virus. Met een groot aantal van deze dieren kwam en komt het niet meer goed.
Blauwtongbesmettingen in de periode september – december 2023. Bron: WUR
Vanuit het virus bekeken is er sprake van een groot succes. Dat hangt samen met een combinatie van factoren in ons land: een ideale voedingsbodem voor knutten en ideale omstandigheden voor het virus, niet in de laatste plaats door de enorme veedichtheid.
In 2024 herhaalde het blauwtongvirus zijn aanslag op de Nederlandse schapenhouderij. Ondanks een grootscheepse vaccinatiecampagne, die vermoedelijk te laat werd ingezet. Koeien blijken niet alleen opnieuw slachtoffer, ze spelen een belangrijke rol bij de verspreiding van virus. Vandaar een pleidooi van deskundigen om meer koeien in te enten. Ondanks berichten over zieke koeien die twee keer waren ingeënt, hetgeen niet bevorderlijk is voor de motivatie van veehouders om mee te werken aan vaccinatie.
In de ons omringende landen merken ze al de gevolgen: in Duitsland, België, Frankrijk en Denemarken. Het gaat om hetzelfde type blauwtong-virus dat zich in Nederland rap heeft kunnen vermenigvuldigen. Waar het virus in 2023 vandaan kwam, is nog altijd niet bekend. Maar Nederland heeft zich duidelijk ontwikkeld als virusland. Intussen is er in 2024 een nieuw type opgedoken: BTV-12 (niet verwant aan BTV-3).
Vogelgriep
Eenzelfde soort kaart vol met stippen is bijna elk jaar wel te maken aan de hand van besmettingen met vogelgriep. Hoewel de epidemie van 2021-2023 over zijn piek heen lijkt te zijn, houdt de dreiging aan.
Vogelgriepbesmettingen oktober 2022 – oktober 2023
Controles bij pluimveebedrijven brengen sinds 2023 geregeld laagpathogene varianten aan het licht, waaronder ook H5N1. Het is bekend dat deze in een stal met kippen kunnen muteren naar een hoogpathogene variant. Niet uit te sluiten valt dat er zich op deze wijze te zijner tijd een besmetting voordoet die de bron zal zijn van een nieuwe uitbraak, waarbij eveneens wilde vogels worden getroffen.
Sinds kort circuleren er ook andere kaartjes. Ze komen voort uit de noodzaak om structurele maatregelen te treffen.
De mate van HPAI-besmettingsrisico op pluimveebedrijven in relatie tot de hoeveelheid wateroppervlak en de hoeveelheid bos/bomen in een radius van 500 m van een pluimveebedrijf. Water is geassocieerd met een verhoogd risico, bomen met een verlaagd risico. Bron: Definiëring van waterrijke gebieden in relatie tot vogelgriepbesmettingsrisico bij commerciële pluimveebedrijven in Nederland, Wageningen Bioveterinary Research
Wageningen Bioveterinary Research heeft dit kaartje gemaakt. Het kan helpen om beleid en regelgeving onderbouwen. Er gaan namelijk steeds meer stemmen op om vestiging van nieuwe pluimveebedrijven en uitbreiding van reeds bestaande bedrijven in waterrijke gebieden te verbieden. Ook wordt er serieus onderzoek gedaan naar de aanpak van zogeheten pluimveedichte gebieden, zoals de Gelderse Vallei en de regio Nederweert. Ingrijpen is echter een politieke kwestie, waarbij de mate van invloed vanuit de pluimvee-industrie de uitkomst in hoge mate bepaalt. En die pluimvee-industrie is uit op behoud van het bestaande. Ondanks vogelgriep en in zeker opzicht zelfs dankzij vogelgriep (”de één z’n dood is de ander z’n brood”) is het nog altijd een zeer lucratieve business.
Varkens ”mengvat”
Omdat de vrees bestaat dat varkens vogelgriep krijgen of als ”mengvat” van griepvirussen voor nog groter onheil kunnen zorgen, is deze diersoort eveneens onderwerp van onderzoek. Vogelgriep is nog niet vastgesteld bij varkens. Wel zijn er onlangs verschillende varianten van varkensgriepvirussen van het subtype H1 en één van het subtype H3 gevonden. Ook zijn er twee gevallen van varkensgriep bij mensen aangetroffen. Uit voorzorg heeft het ministerie een draaiboek voor een uitbraak van vogelgriep bij varkens opgesteld. Binnenkort komt er een wijziging van de Regeling diergezondheid, zodat er een bestrijdingsbevoegdheid ontstaat in geval van vogelgriep bij gehouden varkens.
Dat klinkt alarmerend en dat is het ook. Vooral omdat we in onze mooie delta een giga-hoeveelheid aan gastheren hebben voor griepvirussen. En dan doel ik niet op de gastheren buiten de stallen, maar op de concentratie van dieren ín de stallen. Die gastheren zitten ook nog eens hutjemutje op elkaar. Virussen kunnen zich geen betere omstandigheden wensen.
Deskundigen pleiten er al jaren voor om het houden van varkens en kippen strikt van elkaar te scheiden. Tot dusver vergeefs. Kaartjes willen nog wel eens wat teweeg brengen. Daarom hieronder nog twee:
Deze kaartjes zijn afkomstig uit een rapport van Wageningen University & Research ”Definitie van bedrijfs- en dierdichtheid” (2023). Opvallend is de concentratie van pluimvee én varkens in de Gelderse Vallei. Elf varkenshouderijen in een straal van 2 km. Plus tachtig pluimveebedrijven in een straal van 5 km. ”Als bedrijfs- en dierdichtheden verminderen leidt dit tot een reductie van zoönotische risico’s in de veehouderij en dus van mogelijke blootstelling van de mens”, aldus de samenstellers van het rapport.
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken wij technologieën zoals cookies om informatie over je apparaat op te slaan en/of te raadplegen. Door in te stemmen met deze technologieën kunnen wij gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als je geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een nadelige invloed hebben op bepaalde functies en mogelijkheden.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel het gebruik mogelijk te maken van een specifieke dienst waarom de abonnee of gebruiker uitdrukkelijk heeft gevraagd, of met als enig doel de uitvoering van de transmissie van een communicatie over een elektronisch communicatienetwerk.
Voorkeuren
De technische opslag of toegang is noodzakelijk voor het legitieme doel voorkeuren op te slaan die niet door de abonnee of gebruiker zijn aangevraagd.
Statistieken
De technische opslag of toegang die uitsluitend voor statistische doeleinden wordt gebruikt.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder dagvaarding, vrijwillige naleving door je Internet Dienst Provider, of aanvullende gegevens van een derde partij, kan informatie die alleen voor dit doel wordt opgeslagen of opgehaald gewoonlijk niet worden gebruikt om je te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is nodig om gebruikersprofielen op te stellen voor het verzenden van reclame, of om de gebruiker op een site of over verschillende sites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.